De vaderlijke lijn: de familie Maes

Fricx-kaart (1712) van Sint-Denijs en Zwevegem

Van stamvader Petrus Maes tot nu

Petrus Maes is – voorlopig althans – de verste voorvader van de rechtstreeks vaderlijke lijn, de familie Maes. Nu ik bots op de grenzen van historisch materiaal voor deze tak, is het tijd voor een blik op de familiegeschiedenis van de familielijn Maes, met wortels in Sint-Denijs (Zwevegem) en Wijtschate.

Mijn stamboomonderzoek naar de rechtstreeks vaderlijke lijn van de familie Maes hapert bij Petrus Maes, mijn 6e overgrootvader. Petrus Maes is mijn zogenaamde ‘brick wall’. Zijn geboorte- of doopdatum vond ik niet in de parochieregisters of toch geen overtuigende aanwijzingen. Idem voor zijn echtgenote Anthonia Du Pierre. Net zoals vele genealogen zit ik vast in een familielijn, in dit geval de rechtstreeks vaderlijke lijn.

Ik kan hopen op input van andere genealogen via genealogie-websites voor een nieuwe doorbraak, of ik vind later nog een link waarmee ik verder kan. Nu daarentegen, is het tijd voor een overzicht van de familielijn Maes.

  • Petrus Maes (° circa 1634-1664 – † ?)
  • Joannes Maes (° 17/2/1688, Sint-Denijs – † 1/4/1731 Zwevegem)
  • Joannes Baptista Maes (° 13/4/1726, Sint-Denijs – † 29/3/1800, Zwevegem)
  • Josephus Joannes Maes (° 28/11/1776, Zwevegem – † 3/2/1818, Zwevegem)
  • Edouard Maes (° 7/8/1812, Zwevegem – † 16/2/1901, Wijtschate)
  • Victor Emile Maes (° 14/9/1866, Wijtschate – † 4/1/1934, Wijtschate)
  • Joseph Georges Antoine Corneille Maes (° 14/12/1905, Wijtschate – † 12/10/1982, Las Galletas, Tenerife, Can. Eil.)
  • Gabriël Emile Etienne Maes
  • Eva Maes

Petrus Maes x Anthonia Du Pierre

(2e helft 17e eeuw)

Petrus Maes en Anthonia Du Pierre zijn mijn 6e overgrootouders. Of mijn oudbetovergrootouders. We schillen dus 8 generaties. Over hen weet ik bitter weinig. Zijn geboorte-, huwelijks- en overlijdensdatum zijn me onbekend.

Vermoedens

Waarschijnlijk is Petrus Maes van de regio rond Zwevegem, al lijkt hij niet geboren te zijn in Zwevegem, noch in Sint-Denijs waar hij zich heeft gevestigd. In ieder geval zijn er veel Maezen te vinden in de regio! Het valt bovendien niet zo mee om een stamboom van de familie Maes op te maken, als dit de 3e meest voorkomende naam is in België (na Peeters op 1 en Janssens op 2).

Ik vermoed dat Anthonia Du Pierre (of Dupierre) uit Noord-Frankrijk of het noorden van Henegouwen komt waar er de familienaam talrijker is.

Wat weet ik wel?

Petrus Maes was gehuwd met Anthonia Du Pierre. Zij leefden in Sint-Denijs, nu deelgemeente van Zwevegem in West-Vlaanderen, en kregen er minstens vier kinderen.

  • Anthonius Maes (° 1/7/1684, Sint-Denijs – ?)
  • Philippus Genesius Maes (° 16/1/1686, Sint-Denijs – ?)
  • Joannes Maes (° 17/2/1688, Sint-Denijs – † 1/4/1731 Zwevegem)
  • Judoca Maes (° 12/12/1689, Sint-Denijs – ?)

Het is Joannes Maes die onze familielijn Maes verderzet in de naburige parochie van Zwevegem.

Historische achtergrond

Sint-Denijs had sterk te lijden onder de godsdiensttwisten, belegeringen en plunderingen in de tweede helft van de 16e eeuw. In 1646-1647 had Sint-Denijs te lijden onder plunderingen door Franse en Spaanse troepen. Ook in 1655-1659 maakten Franse troepen het dorp onveilig, met de teloorgang van de landbouw, ziekte en ontvolking tot gevolg. In 1694 heerste bovendien een pestepidemie. Tijdens de Negenjarige Oorlog (1688-1697) lag een Franse verdedigingslinie dwars door het dorp met het Fort Ter Klare als belangrijkste strategisch punt. Pas na 1713 kwam er weer vrede onder Oostenrijks bewind.

Doopakte van Joannes Maes, Sint-Denijs, 17/2/1688 - illustratie bij 'De vaderlijke lijn: de familie Maes' - Eva's Boom
doopakte Joannes Maes, Sint-Denijs, 17/2/1688

Joannes Maes x Marianna Vande Putte

(periode 1686-1761)

Joannes Maes werd (voor zover geweten) als derde van vier kinderen geboren op 17 februari 1688 in Sint-Denijs. Op 26-jarige leeftijd huwde hij er met twee jaar oudere dorpsgenote Marianna Vande Putte (of Maria Anna Vande Putte / Vandeputte) op 11 juli 1714. Samen vestigden ze zich in de naburige parochie van Zwevegem, waar zij minstens vier kinderen kregen.

  • Isabella Clara Maes (° 15/10/1720, Zwevegem – ?)
  • Carolus Maximilianus Maes (° 16/8/1723, Zwevegem – ?)
  • Joannes Baptista Maes (° 13/4/1726, Zwevegem – † 29/3/1800, Zwevegem)
  • Laurentius Maes (° 24/3/1729, Zwevegem – † 3/8/1806, Zwevegem)

Joannes stierf op amper 43-jarige leeftijd, drie jaar na de geboorte van hun jongste kind, op 1 april 1734 in Zwevegem. Marianna overleed pas vele jaren later, vermoedelijk op 74-jarige leeftijd op 1 juli 1761, eveneens in Zwevegem. Deze datum is echter niet helemaal zeker wegens niet-sluitende of ontbrekende aanwijzingen van bronnen, maar dat is een ander verhaal.

Het is mogelijk dat Joannes Maes een voorgaand huwelijk had aangegaan en het is eerder waarschijnlijk dat Marianna na het vroegtijdig overlijden van Joannes is hertrouwd, als jonge weduwe met kinderen.

Opmerkelijk is dat na hun huwelijk in 1714 en vòòr de geboorte van Isabella Clara in 1720 er geen eerdere kinderen bekend zijn. Noch in de doopakten van Sint-Denijs, noch in die van Zwevegem. Miskramen, vergetelheid van de pastoor, of afwezigheid van de vader? Of toch nog geboortes in andere gemeentes? Wie zal het zeggen.

In ieder geval is het hun zoon Joannes Baptista Maes die onze familielijn verder zet.

Historische achtergrond

In de 18de eeuw kent Zwevegem tijdens het Oostenrijkse bewind (1713-1792/94) een periode van herstel en relatieve welvaart. Dit uit zich onder meer in een verhoogde bouwactiviteit. Rond 1747 wordt een nieuwe pastorie opgetrokken. Ook worden verscheidene hoeves herbouwd of verbouwd.

Fricx-kaart (1712) van Sweveghem (Zwevegem) - Genis (Sint-Denijs) - illustratie bij 'De vaderlijke lijn: de familie Maes' - Eva's Boom
Sweveghem (Zwevegem) – Genis (Sint-Denijs), Fricx-kaart (1712) – Bron: Geopunt

Joannes Baptista Maes x Maria Joanna Theresia Decraene

(periode 1726-1815)

Joannes Baptista Maes zag voor het eerst het levenslicht op 13 april 1726 in Zwevegem. Hij was het derde kind van Joannes en Marianna Vande Putte. Hij had één zus en drie broers.

Op 2-jarige leeftijd verloor Joannes Baptista zijn grootvader langs moederskant, Joannes Vande Putte († 17/10/1728), die hij bijgevolg niet of nauwelijks gekend heeft. Twee jaar later, toen Joannes Baptista amper 4 jaar was, overleed helaas ook zijn vader, Joannes Maes ( † 1/4/1731).

Laat huwen lijkt een traditie te zijn bij de familie Maes.

Eerste huwelijk met Maria Anna De Cock – in Kortrijk

Laat huwen lijkt wel een traditie te zijn bij de familie Maes, zoals zal blijken. Meestal had dit socio-economische, historische (oorlogen…) of familiale redenen, of een combinatie hiervan.

Het is pas op 31-jarige leeftijd dat Joannes Baptista Maes in het huwelijk treedt. Op 6 april 1758 trouwt hij met de 22-jarige Maria Anna De Cock, eveneens uit Zwevegem. Opvallend is dat ze niet in Zwevegem huwen, maar in Kortrijk. Waren zij op dat moment in Kortrijk werkzaam in de opkomende en florerende linnenindustrie? Wanneer later hun dochter Barbara Theresia huwt, worden zowel Joannes Baptista als Maria Anna in de huwelijksakte beschreven als arbeiders. Het is mogelijk. Hun verblijf in Kortrijk moet van korte duur zijn geweest, want hun gezin bouwden ze op in hun geboortedorp Zwevegem. Zij kregen er samen zes kinderen.

  • Joannes Baptista Maes (° 7/7/1759, Zwevegem – † ?)
  • Maria Anna Maes (° 6/7/1760, Zwevegem – † ?)
  • Joannes Baptista Maes (° 16/11/1761, Zwevegem – † ?)
  • Isabella Theresia Maes (° 28/1/1763, Zwevegem – † ?)
  • Barbara Theresia Maes (° 9/12/1764, Zwevegem – † 20/2/1845, Kortrijk)
  • Maria Francisca Maes (° 9/12/1764, Zwevegem – † 14/1/1765, Zwevegem)

De dood is ongenadig

Joannes Baptista en Maria Anna verloren circa 1759-1761 hoogstwaarschijnlijk hun eerste kind Joannes Baptista (aangezien ze hun volgende zoon ook Joannes Baptista genoemd hebben). Een jaar na de geboorte van hun dochter Maria Anna in 1761, overleed Joannes Baptista’s moeder op 74-jarige leeftijd. Op 8 december 1764 werd een tweeling geboren: Barbara Theresia en Maria Francisca. Helaas overleed Maria Francisca amper een maand jaar na de geboorte. Het is goed mogelijk dat dit een zware bevalling met complicaties waren, want ook Maria Anna overleed een jaar na de geboorte van de tweeling, op 29 maart 1800. Ze was 30 jaar oud.

Tweede huwelijk met Maria Joanna Theresia Decraene

Als jonge 40-jarige man met minstens één jong kind, mogelijks met vier, hertrouwde Joannes Baptista Maes nog dat zelfde jaar op 29 juli 1766 met de toen een veel jongere 23-jarige Maria Joanna Theresia Decraene in Zwevegem. Ook zij was een dorpsgenote. Akten vermelden dat zij gedurende haar leven werkzaam is geweest als landbouwster en later als landarbeidster en spinster. Het is mogelijk dat Joannes Baptista ook werkzaam was als landbouwer, maar later zeker als werkman.

Joannes Baptista Maes en Marie Joanna Theresia Decraene (of Jean-Baptiste Maes en Marie Thérèse Maes) kregen samen acht kinderen.

  • Maria Francisca Maes (° 22/3/1768, Zwevegem – † ?)
  • Joannes Baptista Maes (° 14/2/1771, Zwevegem – † ?)
  • Petrus Joannes Maes (° 14/9/1773, Zwevegem – † 25/4/1824, Zwevegem)
  • Josephus Joannes Maes (° 28/11/1776, Zwevegem – † 3/2/1818, Zwevegem)
  • Maria Josepha Maes (° 17/2/1780, Zwevegem – † ?)
  • Maria Catharina Maes (° 21/10/1783, Zwevegem – † 26/2/1785, Zwevegem)
  • Maria Catharina Maes (° 4/2/1786, Zwevegem – † 14/2/1786, Zwevegem)
  • Bernardus Franciscus Maes (° 13/8/1787, Zwevegem – † ?)

Dit wil zeggen dat Joannes Baptista vader was van maar liefst 14 kinderen.

Voorspoed en noodlot

Voortgaand op de akten uit de parochieregisters leek het goed te gaan met het hersamengesteld gezin Maes-Decraene. De oogsten lukten weer en de economie leefde op. Toch sloeg het noodlot weer toe wanneer hun dochter Maria Catharina overleed in op 26 februari 1785. Ook hun volgende dochter die ze opnieuw Maria Catherina hadden genoemd, overleed bijna exact een jaar later, op 14 februari 1786. Joannes Baptista kreeg het jaar nadien, op 61-jarige leeftijd, nog een zoon: Bernardus Franciscus werd geboren op 13 augustus 1787.

Bij mijn weten heeft Joannes Baptista Maes van al zijn kinderen enkel Barbara Theresia Maes (uit zijn eerste huwelijk, met Maria Anna De Cock) weten huwen, dit met Carolus Ludovicus Glorieux. Het huwelijk van zijn dochter Barbara met Carolus vond plaats in Bellegem op 2 april 1783. Hij zag als grootvader zeven van hun kinderen geboren worden.

Overlijden

Jean Baptiste Maes (zoals op zijn overlijdensakte vermeld) overleed op de 9e Germinal van het jaar 8 van de Franse Republiek – of 29 maart 1800 – om 11 uur ‘s ochtends in zijn woning in de Harelbeekstraat in Zwevegem. Hij werd 74 jaar.

Kranige Marie Decraene

Weduwe Marie Thérèse Decraene was 58 jaar bij het overlijden van haar man en kwam verder aan de kost als landarbeidster en spinster. Marie Thérèse maakte nog het huwelijk mee van haar zonen Joseph Jean (of Josephus Joannes) in 1806 en Pierre Jean (of Petrus Joannes) in 1811 en dochter Marie Josephe (of Maria Josepha) in 1812.

Ze is niet meer hertrouwd en overleed op 12 oktober 1815 om negen uur ‘s avonds in de woning van haar zoon Pierre Jean in Zwevegem. Haar naam leefde voort langs haar kleinkinderen: Marie Thérèse Maes (°1807 en °1810) en Barbe Thérèse Maes (°1815).

Historische achtergrond

Er was sinds 1713 een periode van sociale en militaire rust in Zwevegem. Er wordt volop gebouwd en men schakelt over van hout naar baksteen. De kerk wordt in 1776 gerenoveerd en vergroot.

In het begin van de 18de eeuw beginnen enkele kluizenaars onderwijs te verschaffen in de gemeente. Er is al sprake van een gemeente-onderwijzer In 1775. 

Tekening (1814) van zicht op de oostkant van de Sint-Amanduskerk, Zwevegem - illustratie bij 'De vaderlijke lijn: de familie Maes' - Eva's Boom
Zwevegem, zicht op de oostkant van de Sint-Amanduskerk – Tekening (1814) – Bron: Beeldbank Zwevegem

Josephus Joannes Maes x Maria Josepha Verheust

(periode 1776-1839)

Josephus Joannes Maes was het tiende kind (van de veertien) van Joannes Baptista Maes en vierde binnen het huwelijk tussen Joannes Baptista met Maria Joanna Theresia Decraene. Hij werd in Zwevegem geboren op 28 november 1776 rond negen uur ‘s ochtends.

Tijdens zijn eerste levensjaar verliest hij zijn twee grootouders langs moederszijde: zijn grootmoeder Maria Jacoba Clarisse († 17/12/1777) en zijn grootvader Laurentius Decraene († 19/1/1778).

Josephus is 23 jaar wanneer zijn vader Jean Baptiste overlijdt in 1800 (of beter in het jaar 8 van de Franse Republiek).

Huwelijk met Marie Verheust

Ook hij huwt relatief laat. Als 29-jarige huwt Josephus Joannes Maes (of eenvoudigweg Joseph Maes) met dorpsgenote Maria Josepha Verheust op 22 januari 1806 in Zwevegem, waar de clan Maes nog steeds is gevestigd. Maria Josepha Verheust is de eerste voorouder in de Maes-lijn die zelf haar naam neerschrijft in de huwelijksakte. Josephus geeft op dat moment aan niet te kunnen schrijven.

Dagloners

Beiden zijn dan aan de slag als dagloner. Een dagloner werd als arbeider per dag betaald en werkte in de land- en tuinbouw. Zij hadden dus geen vaste betrekking en verdienden daardoor niets als er geen werk voorhanden was. Toch waren zij met het gezin vaak afhankelijk van één boerderij, waarbij ze op loopafstand woonden. In het geval van Joseph en Marie, is het is goed mogelijk dat zij werkten in de suikerbietenteelt waarop in die tijd werd ingezet. Korte periodes werkte Josephus als handelaar of winkelier, maar niet zo succesvol gezien telkens van korte duur.

Gezin

Joseph Jean Maes en Marie Josephe Verheust kregen samen vijf kinderen, die allen in hun vaste woonplaats in Zwevegem geboren werden.

  • Marie Thérèse Maes (° 23/1/1807, Zwevegem – † 22/2/1807, Zwevegem)
  • Charles Louis Maes (° 8/2/1808, Zwevegem – † 4/4/1855, Gent)
  • Marie Thérèse Maes (° 15/5/1810, Zwevegem – † ?)
  • Edouard Maes (° 7/8/1812, Zwevegem – † 16/2/1901, Wijtschate)
  • Barbe Thérèse Maes (° 31/5/1815, Zwevegem – † ?)

Van hun eerste kind, Marie Thérèse, heeft het koppel snel afscheid moeten nemen. Het kind overleed toen het amper een maand oud was. Hun volgende dochter noemden ze opnieuw Marie Thérèse (naar grootmoeder Decraene). Of dat zij een lang leven was beschoren, weet ik niet en kan ik enkel hopen. Ik vond voorlopig geen aanwijzingen.

Begin van de diaspora uit Zwevegem?

In 1811 en 1812 woonde Josephus Joannes Maes de bruiloften bij van respectievelijk zijn broer Pierre Jean, en zijn zus Marie Josephe. Pierre Jean Maes ging aan de slag als beesten- en varkenshandelaar en bleef in Zwevegem wonen. Marie Josephe was werkzaam als spinster en vestigde zich in Avelgem. Zijn halfzus Barbara Theresia was al veel eerder, in 1783, getrouwd en woonde in Harelbeke.
Waren dit de eerste voortekens van de diaspora van de familie Maes uit Zwevegem?

Vroeg overlijden

Kort na de geboorte van hun laatste kind in 1815, Barbe Thérèse, overleed de moeder van Josephus Joannes. Drie jaar later kwam schoonbroer François Verheust het overlijden van Joseph Maes aangeven: hij stierf op 3 februari 1818 rond tien uur ‘s avonds, in zijn woning in Zwevegem. Hij werd amper 41 jaar. Hij liet vier overlevende jonge kinderen na en een eveneens nog jonge, 40-jarige echtgenote.

Maria Josepha Verheust hertrouwde op 6 november 1822 met de twaalf jaar jongere Petrus Joannes Decraene, wever van beroep, en kreeg op 17 mei 1824 als 46-jarige haar laatste kind: Barbara Theresia Decraene. In 1837 woonde ze nog het huwelijk bij van haar zoon Charles Louis Maes, met Rosalia Bonnet, in Gent. Uiteindelijk overleed spinster Marie Josephe op 61-jarige leeftijd in haar woning in wijk Dorp te Zwevegem op 12 mei 1839.

Het is zoon Edouard Maes die onze familielijn Maes verderzet.

Historische achtergrond

In de tweede helft van de 18e eeuw wordt het wegennet verbeterd en vanaf 1765 wordt de steenweg tussen Kortrijk en Oudenaarde via Zwevegem aangelegd.

In het begin van de 19de eeuw is er onder impuls van Napoleon, die het continent onafhankelijk wilde maken van de aanvoer van koloniale rietsuiker, een toename van de suikerbietenteelt.

Ferrariskaar (1777) van Zwevegem (Sweveghem) - illustratie bij 'De vaderlijke lijn: de familie Maes' - Eva's Boom
Zwevegem, Ferrariskaart (1777) – Bron: Geopunt

Edouard Maes x Ursula Apolonia Deknudt

(periode 1812-1901)

Edouard Maes werd op 7 augustus 1812 geboren in Zwevegem als vierde van vijf kinderen van Josephus Joannes Maes en Maria Josepha Verheust. Zijn vader Josephus was op dat moment werkzaam als handelaar, maar zou later opnieuw aan de slag gaan als dagloner. Zijn grootmoeder Marie Thérèse Decraene was nog aan de slag als spinster, maar overleed toen Edouard 3 jaar oud was. Ook zijn vader heeft hij nauwelijks gekend. Wanneer Edouard 5 jaar oud was, in 1818, stierf zijn vader op 41-jarige leeftijd.

Stiefvader Pierre Jean Decraene

Wanneer zijn moeder hertrouwt met Pierre Jean Decraene in 1822, krijgt Edouard als 10-jarige jongen er een stiefvader bij. Pierre Jean is wever van beroep en het lijkt erop dat hij Edouard de stiel heeft aangeleerd. Edouard is als 26-jarige in ieder geval aan de slag als wever wanneer zijn moeder Maria Josepha Verheust in 1839 overlijdt.

Een jaar na het tweede huwelijk van zijn moeder, overleed ook zijn andere grootmoeder, langs moeders zijde, Susanna Dubuisson. Na het overlijden van zijn moeder, zijn er geen ouders, noch grootouders meer in leven.

Plattelandscrisis

Door de plattelandscrisis tussen ongeveer 1835 en 1840, met ook misoogsten van aardappelen in 1845, en de moeizame overschakeling naar de nieuwe industriële economie, werd er in Zwevegem honger geleden. Dit moet voor broer Charles Louis en Edouard de aanleiding zijn geweest om het geluk elders te zoeken. Charles Louis Maes was tegen 1837 al naar Gent getrokken, waar hij werkte als lattensplitter (of lattenkliever). Dit was een huisnijverheid die erin bestond verzaagde boomstammen te klieven tot dunne latten, die dienden als drager van pleisterwerk in plafonds en binnenmuren. Nadien verdiende hij zijn boterham als ‘gewone’ dagloner.

Wat Edouard nu precies naar Wijtschate deed trekken, daar hebben we het raden naar.

De trek naar Wijtschate

Edouard trok niet naar de stad, maar naar het dorp Wijtschate, nu deelgemeente van Heuvelland. Dit deed hij pas na het overlijden van zijn moeder, dus na 1839.

Wat Edouard nu precies naar Wijtschate deed trekken, een West-Vlaams dorp tegen de Franse grens en zo’n 40 km van Zwevegem, daar hebben we het raden naar. Omstreeks 1845 werd in Wijtschate een Romeinse muntschat gevonden met 1000 tot 1200 zilveren munten uit de 3de eeuw na Christus. Was het dit verhaal dat hem hierheen lonkte, als schattenjager in spe? Of was het de vruchtbare en goed gedraineerde zandleem- en leembodems van Wijtschate die betere kansen bood aan de landbouw? En dus meer werkgelegenheid? Zwierf hij van boerderij tot boerderij om te kijken of ze zijn hulp konden gebruiken? Er was in ieder geval niets of niemand meer die hem in Zwevegem hield.

Werk en liefde

Uiteindelijk ging aan de slag als landbouwerswerkman bij de landbouwersfamilie Deknudt, die een boerderij hadden in het gehucht ‘Verbrande Molen‘ (wat nu bij de gemeente Zillebeke hoort) hadden. Het is met landbouwster Ursula Apolonie Deknudt dat Edouard op 11 juli 1849 in Wijtschate het huwelijk treedt. De traditie van een laat huwelijk lijkt hij in ere te houden: Edouard is op dat moment bijna 37 jaar oud (op 3 weken na), Ursule is er dan 26. Beiden tekenden zelf de huwelijksakte, wat betekent dat Edouard de eerste Maes in onze familielijn die voldoende gealfabetiseerd is om te kunnen schrijven.

Vanaf deze generatie kunnen we ons deels baseren op de mondelinge overlevering binnen de familie Maes. Het zijn mijn grootvader, tantes en nichten van mijn vader die konden vertellen over deze generatie. Zo waren Marthe Maes (of zuster Anna in het religieuze leven), de zussen Irène en Antoinette Maes, kleindochters van Edouard, belangrijke onrechtstreekse en rechtstreekse bronnen. Inmiddels zijn ook zij overleden, maar hun bijdragen aan de familiegeschiedenis staan genoteerd in ‘La saga des Maes‘, het naslagwerk van mijn vader dat op zijn beurt weer een aanzet was voor mijn genealogisch werk.

Een groot gezin in Wijtschate

Edouard en Ursule vestigden zich in de Schoolstraat nummer 5 in Wijtschate en konden later een klein stuk landbouwgrond kopen op het einde van de Schoolstraat en een weide op het einde van de Poperingestraat. De Schoolstraat komt uit op het dorpsplein – ‘de Plaetse’. De Wijtschatenaren die in deze ‘section Place’ woonden, noemde men de ‘Plaetsenaren‘.

Samen kregen Edouard Maes en Ursule Deknudt tien kinderen, allen in Wijtschate geboren, waarvan vier de volwassen leeftijd niet haalden.

  • Pierre Antoine Maes (° 25/4/1850, Wijtschate – † 14/9/1854, Wijtschate)
  • Marie Ernestine Maes (° 18/2/1852, Wijtschate – † 31/3/1897, Sint-Michiels, Brugge)
  • Clémence Marie Maes (° 25/4/1854, Wijtschate – † 6/10/1935, Staden)
  • Jules Antoine Maes (° 8/1/1856, Wijtschate – † 30/3/1938, Wijtschate)
  • Ide Marie Maes (° 26/9/1857, Wijtschate – † 15/11/1858, Wijtschate)
  • Ide Marie Maes (° 1/7/1859, Wijtschate – † 26/3/1940, Wijtschate)
  • Marie Louise Maes (° 16/1/1861, Wijtschate – † 8/8/1871, Wijtschate)
  • Marc Isidore Maes (° 15/10/1862, Wijtschate – † 15/12/1862, Wijtschate)
  • Julie Marie Maes (° 29/2/1864, Wijtschate – † 2/8/1947, Staden)
  • Victor Emile Maes (° 14/8/1866, Wijtschate – † 4/1/1934, Wijtschate)

Edouard Maes was naar verluidt een harde werker. Na zijn huwelijk in 1849 met Ursule moet Edouard vrij snel een winkel opgezet hebben in Wijtschate. Bij de geboorte van hun eerste kind in 1850 staat Edouard Maes geboekstaafd als winkelier. Hierin bleek hij vrij succesvol, aangezien hij winkelier bleef tot aan zijn dood. Verkocht hij de groenten en waren van de boerderij Deknudt?

Een vroom man

Daarnaast was Edouard een uiterst gelovig man. Zijn vroomheid en liefde voor paus Pius IX brachten hem ertoe zich te laten inlijven bij de Pauselijke Zoeaven, maar bij zijn aanmelding werd hij geweigerd omwille van zijn te kleine gestalte. In 1872 deinsde hij er niet voor terug op een nieuwjaarsgift aan paus Pius IX te doen van welgeteld fr. 2,00. Een andere anekdote is dat zijn dochter Ida, die getuige was van zijn overlijden, hem zag rechtkomen op zijn bed, al zeggend “God, vader van Abraham, Izaäk en Jakob” en hem dan zag sterven “in extase”.

Uiteindelijk een gezin met 6 kinderen

Het eerste kind van Edouard en Ursule, Pierre Antoine Maes, werd op 25 april 1850 geboren. Helaas zou het na de geboorte van hun derde kind, in 1854 op 4-jarige leeftijd overlijden. In 1855 verliest Edouard ook zijn oudere broer Charles Louis Maes, die op 47-jarige leeftijd in Gent overlijdt. Op 15 november 1858 moeten Edouard en Ursule afscheid nemen van hun vijfde kind, Ide Marie Maes, dat een amper een jaar oud was. Hun volgende dochter, die op 1 juli 1859 geboren werd, gaven ze dezelfde naam. Deze tweede Ide Marie zou een gezegende leeftijd van 80 jaar bereiken.

Marc Isidore en Marie Louise Maes zijn de volgende kinderen die Edouard en Ursule veel te vroeg verliezen. Marc is amper 2 maanden wanneer hij overlijdt op 15 december 1862. Louise Marie overlijdt op 10-jarige leeftijd aan longtuberculose op 8 augustus 1871. Ze zou op haar sterfbed nog haar plechtige communie hebben gedaan.

Aankoop van het huis in de Schoolstraat

Mede dankzij een erfenis die dochter Clemence Maes ten beurt viel na het overlijden van een zieke vrouw uit een Franse, welgestelde familie waar ze 20 jaar als gouvernante had gewerkt, kon Edouard het huis aankopen dat ze tot dan huurden. Dit was het huis in de Schoolstraat 5. Het is goed mogelijk dat dit in 1895 plaatsvond. Plaatselijke kranten, zowel De Grensgalm en Le Journal d’Ypres, kondigen de openbare verkoop aan van de woonst en hoveniershof dat op dat gebruikt werd door Miel Maes. Later werden door de uitbreidende familie ook de aanpalende huizen (Schoolstraat 7 en 9) aangekocht.

Intredes

Als gelovig man moet Edouard trots zijn geweest op zijn dochter Julie die zodra meerderjarig in het klooster treedt bij de congregatie van de Zusters Maricolen in Staden in 1884. Julie Maes’ religieuze naam wordt zuster Gabrielle. Zij vervoegt er Amelia Verheust (zuster Constantia), Edouards nicht langs moederszijde, en is de eerste Maes die er intreedt. Nadien volgen Julie’s zus, Clémence (of Clémentine) Maes in 1898, die zuster Martha wordt, en haar nichtje Marthe Maes in 1928, die op haar beurt zuster Anna wordt.

Huwelijk, kleinkinderen en begrafenissen

Geen van Edouards kinderen lijkt zich geroepen te voelen tot een gezinsleven, behalve Victor Emile. In 1891 vieren de bejaarde ouders Edouard en Ursule het huwelijk van Victor Emile met Sylvie Vansteenkiste. Zoon Jules, geliefd en berucht dorpsfiguur, zal pas op late leeftijd in het huwelijk treden. Het is uiteindelijk zoon Victor Emile Maes die onze familielijn Maes zal verderzetten.

Dankzij de gezegende leeftijd die Edouard Maes behaalt, ziet hij zeven (van de elf) kleinkinderen geboren worden. Helaas maakt hij ook het overlijden mee van zijn eerste kleinkind Victor Joseph Marie, 6 maanden na diens geboorte.

Dochter Marie Ernestine, waarover omzeggens niet gesproken werd in de familie en alom omschreven werd als een ‘braaf meiske’, sterft op 31 maart 1897 in een ‘krankzinnigengesticht’ in Sint-Michiels, Brugge en een week nadien, op 9 april 1897 zijn vrouw Ursula Deknudt op 74-jarige leeftijd in hun huis in Wijtschate.

bidprentje Ursula Deknudt (° 9/2/1823 - † 9/4/1897) (voorkant) - illustratie bij 'De vaderlijke lijn: de familie Maes' - Eva's Boom
bidprentje Ursula Appolonia Deknudt (° 9/2/1823 - † 9/4/1897) (achterkant) - illustratie bij 'De vaderlijke lijn: de familie Maes' - Eva's Boom

bidprentje Ursula Deknudt (° 9/2/1823 – † 9/4/1897) – Bron: collectie familie Maes

Twee jaar later, in 1899, moet hij helaas ook afscheid nemen van kleinzoon Gérard Médard.

Edouard Maes zelf overlijdt op 16 februari 1901 in zijn woonplaats, Schoolstraat 5 in Wijtschate. Hij werd 88 jaar oud.

Historische achtergrond

Zwevegem

De eerste periode van de Belgische onafhankelijkheid wordt gekenmerkt door een zware plattelandscrisis (circa 1835-1850). De misoogst van aardappelen in 1845 en de daaropvolgende hongersnood en epidemieën, typhus in 1847-48 en cholera in 1848-49, èn de moeizame economische reconversie zorgen ervoor dat de bevolking traag toeneemt. Als reactie hierop worden, zoals in verschillende andere gemeentes en steden in Vlaanderen, weef- en kantscholen opgericht. In 1818 was er al een armenschool in de gemeente Zwevegem. Vanaf de tweede helft van de 19de eeuw is er sprake van een georganiseerde vorm van onderwijs.

Wijtschate

Tot voor de Eerste Wereldoorlog waren er in Wijtschate nog vijf windmolens: de Castele- of Kapellemolen (Poperingestraat), de Wambekemolen, aan de Blauwepoortstraat, de Van de Vijveremolen aan de Mesenstraat, en de Spanbroekmolen met gelijknamige herberg, aan de Spanbroekmolenstraat.

In Wijtschate waren het Frans meisjespensionaat van Les Soeurs Immaculées en het weeshuis Godtschalk actief. Beide zouden tijdens de oorlog compleet vernield worden.

Topografische kaart Vandermaelen (1846-1854) van Wijtschate - illustratie bij 'De vaderlijke lijn: de familie Maes' - Eva's Boom
Wijtschate, Topografische kaart Vandermaelen (1846-1854) – Bron: Geopunt

Victor Emile Maes x Sylvie Marie Vansteenkiste

(periode 1866-1934)

Victor Emile Maes is mijn overgrootvader. Hij werd geboren op 14 augustus 1866 in Wijtschate, als jongste van tien kinderen. Hij is een kind van relatief oude ouders: vader Edouard is 54 en moeder Ursule 43 jaar bij zijn geboorte. Op dat moment zijn reeds twee broertjes en een zusje overleden. Wanneer hij bijna 5 jaar is, verliest hij een tweede zusje, Marie Louise.

Victor Emile deed het goed op school, aangezien hij verder studeerde voor onderwijzer aan de normaalschool in Torhout, waar hij op internaat zat. Hij zette echter zijn studies stop, slechts één of twee trimesters voor het einde. Naar verluidt voelde hij zicht te gevangen in het internaatsleven. Speelden nog andere redenen mee? Het valt helaas niet meer te achterhalen…

Bij zijn terugkeer vervulde Victor Emile de rol van kerkbaljuw en koster aan de Sint-Medarduskerk in Wijtschate. Hij luidde de kerkklokken, bespeelde het orgel en begeleidde de liturgische diensten. Dit was geen voltijdse baan. Hij vulde deze job aan met klussen als dagloner. Hij werkte hier en daar als tuinman en verbouwde zijn eigen lapje grond. Als tuinman was Victor Emile gespecialiseerd in het snoeien en verzorgen van fruitbomen.

Huwelijk en elf kinderen

Op 18 november 1891 trad Victor Emile Maes – hij is dan 25 jaar oud – in het huwelijk met de 21-jarige Sylvie Vansteenkiste, een meisje uit een familie van arme pachters. Sylvie is eveneens geboren en getogen in Wijtschate, maar werkte als dienstmeid in Voormezele, waar ze waarschijnlijk inwoonde. De huwelijksakte vertelt ons dat ze daar althans gedomicilieerd was. Na hun huwelijk ging ze aan de slag als naaister, wat ze tot 1895 is blijven doen, tot het grote gezin al haar aandacht en energie opeiste. Miel werkte verder als landarbeider.

Enige Maes met een gezin

Victor Emile Maes – of Miel Maes – mag dan de enige Maes uit zijn generatie zijn die een gezin stichtte en de familielijn verder zette, met zijn gezin breidde de familie Maes snel een heel stuk uit. Hij en Sylvie Vansteenkiste kregen samen maar liefst elf kinderen. Helaas stierven drie op jonge leeftijd.

  • Victor Joseph Marie Maes (° 26/11/1892, Wijtschate – † 5/6/1893, Wijtschate)
  • Victor Edouard Marie Maes (° 31/12/1893, Wijtschate – † 16/7/1966, Brugge)
  • Marie Rosalie Julienne Maes (° 24/4/1895, Wijtschate – † 5/5/1971, Ieper)
  • Antoine Léon Gerard Maes (° 19/4/1896, Wijtschate – † 15/6/1951, Wijtschate)
  • Gérard Médard Joseph Maes (° 14/10/1898, Wijtschate – † 22/1/1899, Wijtschate)
  • Godelieve Maes (° 11/12/1899, Wijtschate – † 15/7/1982, Limelette)
  • Marthe Cornélie Maes (° 15/7/1902, Wijtschate – † 29/3/1988, Staden)
  • Albéric Joseph Corneille Maes (° 23/7/1903, Wijtschate – † 21/10/1974, Ieper)
  • Gabriel Médard Joseph Maes (° 7/11/1904, Wijtschate – † 31/10/1905, Wijtschate)
  • Joseph Georges Antoine Corneille Maes (° 14/12/1905, Wijtschate – † 12/10/1982, Las Galletas (Canarische Eilanden))
  • Georges Gabriel Corneille Maes (° 28/12/1906, Wijtschate – † 18/1/1970, Poperinge)

Kindersterftes

Het eerste kind van Victor Emile Maes en Sylvie Vansteenkiste, zijnde Victor Joseph Marie, werd geboren in november 1892, maar overleed zes maand na de geboorte. Hun tweede kind noemden ze opnieuw Victor, voluit Victor Edouard Marie. Later moesten Victor Emile en Sylvie ook te vroeg afscheid nemen van zonen Gérard Médard Joseph, die in 1899 drie maand na de geboorte overlijdt, en Gabriel Médard Joseph in 1905 die 11 maand na de geboorte. Het lijkt alsof je je kind beter niet de naam Médard geeft.

Overlijdensbericht van Gabriel Medard Maes (onderaan), De Raadselbode, 5 november 1905 - illustratie bij 'De vaderlijke lijn: de familie Maes' - Eva's Boom
Overlijdensbericht van Gabriel Medard Maes (onderaan), De Raadselbode, 5 november 1905 – Bron: Historische Kranten

Verlies van zus en moeder in zelfde jaar

In 1897, Victor Emile is dan 30 jaar oud, overlijden achtereenvolgens zijn oudste zus, Marie Ernestine Maes, en zijn moeder Ursule Deknudt.

Stiekeme intrede in het klooster

Het jaar na het overlijden van zijn zus en moeder, in 1898, treedt zijn zus Clémence Maes in in het klooster van de Zusters Maricolen in Staden. Dit gebeurt gek genoeg stiekem. Ondanks de grote vroomheid van vader Edouard, had deze haar liever zien huwen om een gezin stichten en had haar vaak in die richting geduwd. Misschien om zo bij te dragen aan het familiebudget? Met de smoes om de zieke overste te gaan verzorgen is ze naar het klooster getrokken om er te blijven tot aan haar dood. Zijn vader was noodgedwongen het te aanvaarden. Hij stierf uiteindelijk in 1901.

De familiezaak

Na het overlijden van zijn vader, neemt Victor Emile Maes de winkel van zijn ouders over, die dan ‘E. Maes – Vansteenkiste‘ wordt gedoopt. Hij verkoopt er onder andere groente- en bloemzaden aan een ‘zeer genadige prijs’, zoals hij adverteert.

Advertentie voor de winkel 'E. Maes-Vansteenkiste' te Wijtschate in De Grensgalm, 19 april 1902 - illustratie bij 'De vaderlijke lijn: de familie Maes' - Eva's Boom
Advertentie voor de winkel ‘E. Maes-Vansteenkiste’ te Wijtschate in De Grensgalm, 19 april 1902 – Bron: Historische Kranten

Na de geboorte van hun zoon Georges in december 1906, raakt Sylvie Vansteenkiste niet hersteld. Ze overlijdt drie maand later, op 11 maart 1907. Deze vrouw, die zich volledig had gewijd aan man en kinderen, had op vijftien jaar tijd elf kinderen op de wereld gezet. Ze werd 37 jaar.

Victor Emile Maes was 40 jaar wanneer zijn vrouw overleed en stond er vanaf dan alleen voor met 8 kinderen: de oudste was toen 13 jaar oud en de jongste 3 maand.

Sylvie Marie Vansteenkiste, Wijtschate (° 10/3/1870- † 12/3/1807) - illustratie bij 'De vaderlijke lijn: de familie Maes' - Eva's Boom
Sylvie Vansteenkiste – Bron: collectie familie Maes
Victor Emile Maes en zijn 8 kinderen, circa 1913, Wijtschate - illustratie bij 'De vaderlijke lijn: de familie Maes' - Eva's Boom
Victor Emile Maes en zijn 8 kinderen, circa 1913 – Bron: collectie familie Maes

Boeken en muziek

Volgens iedereen die hem gekend heeft straalde Victor Emile een discrete, maar zekere intellectualiteit uit. Hij was een leergierig man, had een onderzoekende geest en een liefde voor lezen. Miel was daarnaast ook muzikant: naast het orgel, speelde hij piano en viool. Hij schreef hij ook zelf muziek en teksten. Zijn liefde voor muziek gaf hij door aan zijn kinderen die hij leerde spelen op viool, mandoline en dwarsfluit. Victor Emile werd alom gerespecteerd.

Den Grooten Oorlog (1914-1918)

Toen de Duitse soldaten op 4 augustus 1914 België binnenvielen, liepen de emoties hoog op, maar niemand in de Westhoek had durven denken dat ze weldra de apocalyps zouden meemaken. De streek had niets van militaire betekenis, geen fort, geen grote steden, … Een maand later breekt het conflict los en rukten de Duitse soldaten op. De eerste ulanen werden gesignaleerd in de regio. Mensen startten te vluchten naar veiligere oorden. Gelukkig werden er ook al Franse en de Britse troepen gesignaleerd, waaronder de London Scottish, die de bewoners moed gaven.

Gedwongen vlucht

Vertrok de familie Maes toen al of stelden ze dit uit tot 1 november toen de Duitsers Wijtschate en Mesen innamen? Gedurende twee dagen van ernstige strijd op 31 oktober en 1 november werd Wijtschate vernield en stond het in lichterlaaie. Alle inwoners waren gedwongen te vluchten. Wijtschate kwam midden op de gevechtslinie te liggen.

De familie Maes vluchtte eerst naar De Klijte, waar ze andere gezinnen uit reeds ingenomen dorpen vervoegde. Het gehucht aan de Kemmelberg herbergde haast de hele omgeving, zo goed en zo kwaad als het kon. Alle huizen, schuren, zelfs varkensstallen werden gevuld met gevluchte families. Met de winter in aantocht, vluchtten zij die konden naar Frankrijk, waar ze konden rekenen op een netwerk voor hulp en huisvesting, gesteund door de Franse regering en de Belgische in ballingschap. Zij die kost wat kost wilden blijven, waaronder de familie Maes, zochten leefbaar logement in de nabijheid. De familie Maes vestigde zich in Watou.

Loopgraven

Victor Emile Maes en zijn twee oudste zonen Victor Edouard en Antoine, samen met andere vluchtelingen in de regio, werden van dag op dag door de Engelsen aan het werk gezet om voor hen loopgraven te graven. Omdat hiermee wel een reëel gevaar voor vijandelijk vuur gepaard ging, overtuigden zijn zonen hem om als gezinshoofd zich niet bloot te stellen aan dergelijk risico.

‘Volontaire de guerre’

Beide zonen Victor Edouard en Antoine Maes gaven zich in 1914 op als oorlogsvrijwilliger. Zij waren toen 20 en 18 jaar oud. Victor was eerder in 1912 opgeroepen voor zijn legerdienst, maar werd het jaar nadien vrijgesteld om medische redenen. Antoine had nog niet de kans gehad om zijn legerdienst te vervullen. Beide gingen naar het front met slechts een beperkte opleiding voor oorlogsvrijwilligers. Deze jongens mogen dan wel vaderlandslievend zijn geweest, de vrijwilligheid nemen we best met een korrel zout. Vele jongens werden onder lichte of zware dwang door rekruteringskantoren aangemaand zich aan te melden. Misschien wilden Victor en Antoine ook de penibele omstandigheden van het gezin Maes verzachten voor hun vader, die hierdoor twee monden minder moest voederen.

Met de twee jongens aan het front aan de Ijzer, trok de 48-jarige Victor Emile met de overige zes kinderen begin juli 1915 dieper Frankrijk in. Het werd immers ook te gevaarlijk in het grensdorpje Watou, mede door de luchtaanvallen.

Familie Maes verspreid over het heel Frankrijk

Saint-Ouen en Fontenay-aux-Roses

Zijn zussen Clémence en Julie, of zuster Martha, en zuster Gabriëlle, vluchtten samen met de hele congregatie Zusters Maricolen ook uit Staden weg, net voor de vernieling van hun klooster en school. De zusters kwamen na omzwervingen uiteindelijk in Saint-Ouen, ten noorden van Parijs, en nadien in Fontenay-aux-Roses terecht, waar ze het onderwijs verrichtten in een Belgische schoolkolonie voor gevluchte kinderen. Omdat hun vestigingen telkens weer werden gebombardeerd, werden de kinderen met de zusters naar Bretagne gebracht.

Lésigny

Zus Ida was in dienst bij een Belgische notabele in Lésigny in Seine-et-Marne.

Beauvais, Saint-Lucien, Chevilly-Larue, Les Mées en Rouen

Victor Emile Maes trok met zijn gezin naar Beauvais, rue de Calais 52, waar hij bleef tot 1919. Hij werkte er als tuinman aan de Normaalschool daar, waar dochters Godelieve (15) en Marthe (13) in de keuken konden werken. Nadien als hulpkantonnier. De kinderen werden verspreid over heel Frankrijk.

De jongste kinderen, Joseph en Georges, verbleven in een schoolkolonie, eerst in Chevilly-Larue in Val-de-Marne en vanaf de lente van 1818 in Les Mées in de Provence. Albéric (12) ging niet mee naar de kolonie. Zijn vader plaatste hem bij een boer die hij kende, Jules Vandoolaeghe, waar hij kon werken als boerenknecht in afwachting om als bakker-leerjongen aan de slag te gaan in Saint-Lucien bij Beauvais. Marthe vertoefde in de kolonie van de Zusters Maricolen, onder de hoede van haar twee tantes Marie, die tot dan toe het huishouden op zich had genomen na het verlies van de moeder in maart 1907. Zij ging ‘dienen’ bij een familie in Rouen. Godelieve ging werken bij een Belgische notaris in Beauvais tot aan het einde van de oorlog en was de enige die nog samen met Victor Emile in Beauvais bleef.

Spanje?

Broer Jules verliet België vrij laat en zou tot in Spanje geraakt zijn, al werd er in de familie niet zoveel geloof aan gehecht, en zou er in een papierfabriek gewerkt hebben.

Wijtschate van de kaart geveegd

De grote Mijnenslag van 7 juni 1917 zette de hele streek rond Mesen in rep en roer. Bij deze operatie werd wat nog overbleef van Wijtschate platgeschoten. Het dorp werd volledig van de kaart geveegd. Antoine die vanop de Rodeberg in Westouter het gebeuren had gevolgd, was sterk aangedaan toen hij zijn dorp onherkenbaar aantrof. Het graf van zijn moeder was onvindbaar. Het kerkhof was aan flarden geschoten.

Een eigen haard is ‘t mentsen waard.

Antoine Maes (1919)

Na de demobilisatie, in augustus 1919, keerden Emile en Godelieve terug uit Frankrijk en ontmoetten ze Antoine en Victor, die weldra onbepaald verlof zouden krijgen. Dolgelukkig waren ze dat ze elkaar nog hadden en dat ze samen naar hun geboortedorp Wijtschate konden terugkeren, al wisten ze goed dat ze als eerste teruggekeerden weinig herkenbaars zouden aantreffen. Er stond hen zwaar labeur te wachten om alles terug op te bouwen, in die verlaten woestijn, zo ver van iedereen. En toch konden ze hun geluk niet op. Ze konden naar huis. “Een eigen haard is ‘t mentsen waard”, schreef Antoine is zijn dagboek.

Wederopbouw van Wijtschate

De familie Maes keerde als eerste terug naar Wijtschate. In het verwoeste dorp bouwden ze in 1919 al een barak. De broers Victor en Antoine ontpopten zich in de drukke wederopbouw tot respectievelijk aannemer en metselaar. Ze bouwden samen met aannemers en andere terugkerende families Wijtschate weer op. Steen per steen, met gerecupereerd materiaal uit de loopgraven en schuilplaatsen. Ook slaagden ze erin het dorp helder water te voorzien door de steenputten met grondwater terug te vinden.

We kunnen het ons haast niet voorstellen. Je moet het maar doen. Zand in de zomer, slijk in de winter. Overal nog onbegraven lijken en paardenkadavers. Ontelbaar veel kraters van mijninslagen, prikkeldraad, munitie, al dan niet ontplofte obussen, …

Er was sprake van het vernielde Wijtschate te laten zoals het was en het als ware uit te baten als een soort memorial of openluchtmuseum. Hiervan wilden de Maezen niets weten.

In zijn hoedanigheid van officieuze burgemeester, nadien als gemeenteraadslid en schepen, schreef Victor Emile Maes de overheid aan, en vooral baron Empain, opdat de Wijtschatenaren konden genieten van de heropbouwpremies, oorlogsschadedossiers indienen, de nodige vergunningen verkrijgen, enz.

De familie Maes bij hun barak in Wijtschate, na de oorlog, circa 1920 (Victor Emile Maes 3e van links met geweer, Antoine Maes staand op de schouders van Victor Maes, Godelieve Maes 2e van rechts) - - illustratie bij 'De vaderlijke lijn: de familie Maes' - Eva's Boom
De familie Maes bij hun barak in Wijtschate, na de oorlog, circa 1920 (Victor Emile Maes 3e van links met geweer, Antoine staand op de schouders van Victor, Godelieve 2e van rechts) – Bron: collectie familie Maes

Opnieuw huwelijken en geboortes

Stilaan kon ieder zijn eigen persoonlijk leven opbouwen. In 1921 huwde zoon Antoine met Marie Doheyn en dochter Marie met Alphonse Lewyllie, allebei in Wijtschate. Hun kinderen, zijn eerste kleinkinderen, werden nog in de barak geboren: Irène (1922) en Andrea Maes (1923), André (1922) en Marcel Lewyllie (1923).
In 1928 trad dochter Marthe als 25-jarige in het klooster van de Zusters Maricolen in Staden, bij haar tantes en de andere bekende zusters die haar tijdens de oorlog begeleid hadden in de kolonie in Frankrijk.
Zoon Albéric huwde in 1930 met Jeanne Duhez in Lille en dochter Godelieve in 1931 met Michel Orciuolo in Lambersart in Noord-Frankrijk.
Het huwelijk van Joseph, mijn grootvader, met Etiennette Aymoz in 1940 maakte Victor Emile niet meer mee.
De oudste en de jongste zoon bleven, misschien wel bewust, vrijgezel: Victor en Georges.

Gedurende de jaren 1930 werden de tijdelijke barakken geleidelijk vervangen of aangevuld door stevige huizen. De elektriciteit werd pas in 1941 geïnstalleerd. Water werd gepompt uit de waterput. (Leidingwater zou er pas in de loop van de jaren 1960 komen.)

De medailles bleven in de schuif

Al probeerde ieder voor zich terug een nieuw leven op te bouwen, de oorlog had iedereen in de streek sterk getekend. Voor zonen en ‘oorlogsvrijwilligers’ Victor en Antoine dekt het woord ‘getekend’ allesbehalve de lading. De tragische ervaringen van de oorlog hadden ook hun latere leven kapotgemaakt, zowel fysisch als mentaal. Victor was mitrailleur geweest en trilde nog vaak. Hij doorstond nog steeds panische angsten, vaak versterkt door alcohol en had vreselijke nachtmerries. Antoine had blijvende longproblemen en veelvuldige astma-aanvallen. Over de oorlog werd nadien met de volgende generatie niet meer gesproken. “Ge moet daarover zwijgen, want gij weet niet, gij kùnt niet weten wat dàt is geweest“, zei Antoine Maes. De medailles bleven in de schuif.

Deze generatie is zodanig verweven met de geschiedenis van de Eerste Wereldoorlog, dat de beschrijving van hun leven meteen ook een historische schets is van deze tijd.

Emile is nooit meer hertrouwd. Hij zou op een zeker moment wel de intentie hebben gehad, maar heeft onder druk van zijn kinderen hiervan afgezien. De vrouw in kwestie is hij wel blijven zien, wat destijds niet in goede aarde viel bij de toenmalige clerus. De ‘buitenechtelijke’ relatie viel volgens hen niet te rijmen met zijn prominente rol binnen de parochie van Sint-Medardus. Hij viel uit de gratie en werd ontheven van al zijn parochiale functies, waaraan hij zo gehecht was. Dit voelde aan als een pijnlijke krenking en vernedering. Een ontkenning van zijn jarenlange inzet. Een intriest luik van zijn leven in Wijtschate.

Overlijden in 1934

Victor Emile Maes overleed op 67-jarige leeftijd op 4 januari 1934 in Wijtschate. Hij had vele beproevingen doorstaan: de dood van drie jonge kinderen, het vroege overlijden van zijn echtgenote en die vreselijke oorlog die zijn gezin deed uiteen spatten. Toch was hij geen bitter of gebroken man. Hij had zich na de oorlog met hart en ziel, maar ook met fysieke kracht, ingezet voor de heropbouw van zijn geliefde dorp.

Historische achtergrond

Deze generatie is zodanig verweven met de geschiedenis van de Eerste Wereldoorlog, dat de beschrijving van hun leven meteen ook een historische schets is van deze tijd.

De Eerste Wereldoorlog zou de ganse gemeente overhoop halen. In de Eerste Wereldoorlog werd Wijtschate (Wytschaete – White Sheet) zwaar getroffen. Het begon met de zware beschieting op 31 oktober 1914. De Duitsers stonden aan de oostkant van Wijtschate – op 31 oktober kwamen de “London Scottish” vanuit Ieper naar Wijtschate. Ze trokken aan de westkant van Wijtschate voorbij en namen stellingen in langs de heuvel van het Helletje. Ze namen posities in ten oosten van de weg Wijtschate-Mesen (Messines). De London Scottish leden zware verliezen en werden in de loop van de nacht teruggetrokken. Vooral tijdens de Mijnenslag van 1917 kreeg de streek het zwaar te verduren.

Wijtschate, Topografische kaart Ministerie van Openbare Werken en Wederopbouw (1950-1970) - illustratie bij 'De vaderlijke lijn: de familie Maes' - Eva's Boom
Wijtschate, Topografische kaart Ministerie van Openbare Werken en Wederopbouw (1950-1970) – Bron: Geopunt

Joseph Georges Antoine Corneille Maes x Etiennette Aymoz

(periode 1905-1982)

Hierbij zijn we beland bij mijn grootouders langs vaders kant, Joseph Maes en Etiennette Aymoz. Het is de eerste generatie van deze lijn die ik zelf heb gekend. Aan de eerste heb ik goede herinneringen, zij het beperkt, gezien ik 8 jaar oud was toen mijn grootvader stierf. Aan de tweede niet.

Joseph Georges Antoine Corneille Maes – de enige in de familie met vier voornamen – werd in Wijtschate geboren op 14 december 1905, als tiende en voorlaatste kind van Victor Emile Maes en Sylvie Vansteenkiste. Drie broertjes waren dan reeds overleden. Joseph is nog een baby van een jaar wanneer hij zijn moeder verliest, die sterft kort na de geboorte van zijn jongere broer Georges.

De Eerste Wereldoorlog

Wanneer in de zomer van 1914 de oorlog losbreekt is Joseph slechts 8 jaar oud. Zijn twee oudste broers sluiten zich aan bij het leger aan het front, terwijl hij met vader Victor Emile en het gezin uiteindelijk naar Frankrijk vlucht. Joseph en zijn Georges, werden naar een schoolkolonie, gebracht. Eerst in Chevilly-Larue in Val-de-Marne en vanaf de lente van 1818 in Les Mées in de Provence. Mijn grootvader hield aan deze periode, die nog wat langer duurde tot haast een jaar na de oorlog, mooie herinneringen over. Later in zijn leven zou hij meermaals met plezier terugkeren naar deze streek, de ‘Basses-Alpes’, waarover deze toch vrij gereserveerde man passioneel over kon praten.

Tijdens de oorlog, op 1 augustus 1917, sterft zijn grootvader langs moederszijde Leonard Vansteenkiste in Strazeele, Noord-Frankrijk, waar hij op dat moment in ballingschap was. Hij werd 88 jaar oud.

Samen met zijn broer Georges maakt Joseph zijn school af in de schoolkolonie die intussen gerepatrieerd was, in Wulvergem. Buiten spelen was toen een gevaarlijke onderneming vanwege de ontelbare niet-ontplofte explosieven. Vandaar dat hun speelterrein beperkt werd tot een begrenst terrein.

Een job niet zonder gevaar

Joseph of ‘Jef’ Maes ging in de leer voor slotenmaker en werkte nadien ook als dusdanig gedurende enkele jaren. Ergens tussen 1930 en 1940 (na het huwelijk van broer Albéric en vóór het zijne) was hij lange tijd werkzaam in Frankrijk als ijzerbewerker, zelfs nog even tijdens de oorlog voor de Duitsers, aan de luchthaven van Merville in Noord-Frankrijk, zo’n 30 km verwijderd van Wijtschate. Dit was geen job zonder gevaar, aangezien Joseph van een 18 meter hoge stelling viel, waarvan hij tien jaar later nog steeds niet helemaal hersteld was. Hij onderging (in 1948?) in Roulers een delicate operatie aan zijn wervelkolom, waarna een lange periode van revalidatie volgde.

Ontmoeting in Lille, huwelijk in Wijtschate

Naar verluidt was het in een café in Lille, waar Joseph Maes een kamer had om te overnachten na zijn werk op werven, waar hij Etiennette Aymoz ontmoette. Ze was toen hoogstens 20 jaar oud, hij 34. Etiennette was een Française, geboren in Clichy tegen Parijs en had een moeilijke jeugd achter de rug. Tegen 1940 woonde ze waarschijnlijk in Lille bij, of in de nabijheid van, haar moeder, die sinds de scheiding van haar man in 1929 zich in Lille had gevestigd. Groot was de verrassing bij de familie Maes toen Etiennette in Wijtschate aankwam met de boodschap: “Je suis la fiancée de Joseph”. Jef heeft een verloofde. Joseph was evenzeer verbaasd. Ze was er om te blijven. Joseph en Etiennette huwden vlak voor de Tweede Wereldoorlog losbarstte op 10 mei 1940, in Wijtschate.

De Tweede Wereldoorlog

Joseph Maes en Etiennette Aymoz kregen samen twee kinderen, mijn vader en mijn tante, beiden geboren in Wijtschate tijdens de Tweede Wereldoorlog:

  • Gabriël Maes
  • Martha (“Mathy”) Maes (° 28/7/1943, Wijtschate – † 3/11/2021, Brussel)

De ernstige voedseltekorten of -beperkingen tijdens de oorlog, vooral in de winter, waren op zijn zachtst gezegd een grote uitdaging en hadden invloed op de groei van vele pasgeborenen en kinderen.

Tijdens en na de Tweede Wereldoorlog werkte Joseph vaak ver weg van huis in alle uithoeken van het land, aangezien er toen in de Westhoek niet genoeg werk was voor alle bewoners van de streek. Het waren jobs in zware omstandigheden en lange dagen. ‘s Ochtends om 5 of 6 uur – soms zelfs vroeger – vertrok hij samen met zijn werkmakkers in een camionette of met de trein naar een werf ergens ten lande. En dan was er nog die lange pauze van revalidatie na zijn operatie in 1948, als gevolg van zijn werkongeval. Het is zo dat het gezin in 1953 Wijtschate verliet en in Haine-Saint-Pierre bij La Louvière belandde, waar Joseph een goed betaalde en stabiele job vond. Hij kon er aan de slag als lasser.

De laatste 15 jaar van zijn actief beroepsleven heeft Joseph het beroep van ijzerwerker terug opgenomen.

Weg uit Wijtschate

Het is door de verhuis naar Wallonië dat de ‘ontworteling‘ uit Wijtschate van deze Maeslijn intreedt en de diaspora zich verderzet. Beide kinderen, Gabriël en Martha, zullen zich niet meer vestigen in Wijtschate en de kleinkinderen (mijn zus en ik) evenmin. De band blijft, maar vervaagt met elke overleden Maes-telg.

Het huwelijk van Joseph Maes en Etiennette Aymoz was helaas allesbehalve gelukkig. Zonder in details te treden, kunnen we zeggen dat Joseph misschien blij was dat hij nauwelijks thuis was en dat Gabriël op internaat ging en later naar de universiteit, op kot. Martha moest de helse sfeer thuis nog het langst dulden tot ze als 16-jarige door haar moeder aan de deur werd gezet en naar Brussel trok. Joseph zelf werd later eveneens van de ene dag op de andere, in de zomer of herfst 1967, met een surrealistische, machiavellistische smoes door Etiennette het huis uitgezet.

Rust in Mesen

Joseph kon in 1967 in eerste instantie terecht bij zijn zus Godelieve in Limelette. Zodra mogelijk vestigde hij zich in een huisje in Marchienne-au-Pont, dan kort in Borgerhout, om zich uiteindelijk in 1973 definitief te vestigen in Mesen (Messines). Het is daar dat hij kon genieten van zijn oude dag: het onderhouden van een grote moestuin (of “lochting”) en het lezen van boeken.

Het is zo dat ik me hem herinner, in zijn bescheiden huis zonder enige luxe, waar obussen op de schouw dienden als bloemenvazen. Een tuin waar hij aardappelen, prei, sla, rabarber, enz. kweekte en met twee grote pruimelaars. Op het einde van de zomer maakte hij pruimenconfituur en rabarbermarmelade, waarvan we telkens enige potten mee naar huis kregen. Het is waarschijnlijk vanwege onze zomerse bezoeken in Mesen of onze zomerse ontmoetingen aan de “cabane” van “tant’Irène”, samen met Antoinette, Laura, … in Koksijde, dat mijn zus en ik hem “peter zomer” noemden. Door anderen werd hij gewoon Jef of nonkel Jef genoemd. Het is hij die me heeft leren dammen toen ik misschien 6 of 7 jaar oud was.

Sterven in het paradijs

In de zomer of herfst reisde Joseph Maes graag naar Tenerife om er te wandelen in wat voor hem het paradijs leek. Het is in 1982, op 12 oktober, dat hij er plots overlijdt. Hij viel er van een rots in de zee. Vermoedelijk kreeg hij opnieuw een hersentrombose, waarvan hij al eerder slachtoffer was geweest. Lokale vissers zagen het ongeluk gebeuren, maar hun reddingspogingen waren tevergeefs. Al was het een akelig ongeval, het heeft voor mij toch iets moois hebben, dat hij is gestorven in zijn paradijs.

Mijn grootmoeder, Etiennette Aymoz, bleef wonen in het ‘echtelijk huis’ in Haine-Saint-Pierre. Na een val werd ze gehospitaliseerd in Jolimont, La Louvière, waar ze kort nadien overleed op 14 september 1998.

Joseph Maes en dochter Martha (Haine-Saint-Pierre, 1953) - illustratie bij 'De vaderlijke lijn: de familie Maes' - Eva's Boom
Joseph Maes en dochter Martha (Haine-Saint-Pierre, 1953)
Joseph Maes en kleindochter Eva, in de moestuin (Mesen, 1974) - illustratie bij 'De vaderlijke lijn: de familie Maes' - Eva's Boom
Joseph Maes en kleindochter Eva, in de moestuin (Mesen, 1974)

Aangezien het vervolg gaat over mensen die nog in leven zijn, ben ik uit respect voor ieders privacy vanaf hier summier in mijn verhaal.

Gabriël Emile Etienne Maes x Myriam Bertha Francine Dreissen

Gabriël Maes en Myriam Dreissen kregen na hun huwelijk twee kinderen:

  • Eva Maes (ik)
  • Liesbet Maes

Het huwelijk hield niet stand. Beiden stapten op latere leeftijd opnieuw in het huwelijksbootje. Gabriël Maes leeft nog steeds gelukkig samen met zijn echtgenote Marie-Thérèse (Trees) Poppe.

Gabriëls zus Martha Maes, of Mathy zoals ze genoemd wilde worden, huwde met Maurice Zigrand in Brussel. Ik herinner me dat we toegewuifd werden op het balkon van het Brussels stadhuis op de Grote Markt, alsof we ‘royalty’ waren.
Ze overleed op 3 november 2021, na een bewonderenswaardige, haast koppige strijd tegen kanker.

‘Uitsterving’ van onze familielijn Maes

Mijn zus en ik kregen elk twee prachtige kinderen die niet de naam Maes dragen. De naam van de moeder, in ons geval ‘Maes’, kon niet doorgegeven worden, al kan dit tegenwoordig wel. De Maes-genen daarentegen hebben we wèl doorgegeven.

Steven Roger Vandeweghe x Eva Maes

  • Wanda Vandeweghe
  • Egon Vandeweghe

Als we terug verder de stamboom opkruipen hadden de broers van mijn grootvader, Antoine en Albéric Maes, de naam in principe kunnen doorgeven. Antoine kreeg echter enkel meisjes. Albéric kreeg wel twee zoons, en de naam werd verdergezet met één kleinzoon. Deze Dominique Maes stierf echter kinderloos in 2017 te Ploegsteert. De andere broers van mijn grootvader, Victor en Georges, bleven kinderloos. En zo komen we bij het einde van de familielijn Maes.

Of toch niet?

Als we opnieuw naar onze stamvader Petrus Maes kijken, zijn er nog enkele Maezen die de naam mogelijks hebben voortgezet.

Zo zijn er de zonen van Petrus Maes:

De kleinzonen van Petrus Maes:

De achterkleinzonen van Petrus Maes:

Er zit dus nog potentieel in om de verderzetting van de naam Maes te onderzoeken aan de hand van het parenteel van Petrus Maes, maar dat laat ik aan anderen over. Misschien jij?

Hierbij zijn we aan het voorlopige eind van onze reis naar de 17e tot de 21e eeuw en terug, van Sint-Denijs over naar Zwevegem en dan Wijtschate, tot de diaspora van de familielijn Maes over België en deels Frankrijk. Het uitpluizen en beschrijven van deze familiegeschiedenis was een plezier en voelde als een reis met de teletijdmachine. Ik hoop dat je bij het lezen van deze ‘long read’ dit gevoel een beetje herkende.

Bronnen

Recente berichten

Bekijk alle berichten →


Graag een seintje bij het volgende blogbericht?


%d bloggers liken dit: